Geriater Lennaert Zwart gepromoveerd op hartritmestoornis bij kwetsbare ouderen

promotie Lennaert Zwart

Op vrijdag 19 december is klinisch geriater Lennaert Zwart gepromoveerd aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. De afgelopen jaren heeft Lennaert onderzoek gedaan naar hoe vaak de hartritmestoornis atriumfibrilleren – of boezemfibrilleren – voorkomt bij kwetsbare ouderen. Zijn conclusie? Screening op boezemfibrilleren op de polikliniek Geriatrie is heel effectief.

Boezemfibrilleren is bij kwetsbare oudere patiënten vaak ongemerkt aanwezig en kan leiden tot een beroerte. Daarom is het tijdig vaststellen en daarna behandelen van boezemfibrilleren zo belangrijk.

“Allereerst hebben we gekeken hoe vaak atriumfibrilleren voorkomt onder kwetsbare ouderen. Dit blijkt relatief vaak te zijn,” zegt Zwart. “Op geriatrische poliklinieken komt het zelfs bij 20 tot 23 procent van de patiënten voor. Atriumfibrilleren is een belangrijk kenmerk van veroudering en gaat vaak gepaard met andere geriatrische aandoeningen. Hierbij kun je denken aan hartfalen en kwetsbaarheid of het gelijktijdig chronisch gebruik van vijf of meer verschillende geneesmiddelen (polyfarmacie).”

Vroege opsporing

Ook heeft Zwart onderzocht hoe atriumfibrilleren vroegtijdig opgespoord kan worden. Zwart: “Oudere patiënten met een verhoogd risico zouden regelmatig gescreend moeten worden. Dat kan bijvoorbeeld met fotoplethysmografie. Dat is een optische, niet-invasieve techniek die licht gebruikt om veranderingen in het bloedvolume in de huid te meten. Die techniek zie je ook terug in bijvoorbeeld smartwatches.”

Behandelmethodes

Tot slot heeft Zwart gekeken naar het gebruik van bloedverdunners - antistolling. “We zien dat er bij de behandeling van atriumfibrilleren vaak zorgen zijn over antistolling en bloedingsrisico’s,” legt Zwart uit. “Maar die zorgen zijn vaak niet terecht. Uit ons onderzoek is gebleken dat kwetsbare ouderen met atriumfibrilleren niet meer risico lopen op ernstige bloedingen dan andere patiënten. Er bestond voorheen terughoudendheid om antistolling te starten, maar dat lijkt dus niet nodig.

Integrale zorg

“Wat we nu weten, is dat we atriumfibrilleren niet alleen als een cardiologische aandoening moeten zien,” besluit Zwart. “Het is een complex geriatrisch syndroom, waarbij het belangrijk is om integrale zorg te leveren in overleg met andere specialismen. Alleen zo kunnen we de beste zorg leveren voor deze groep patiënten en zorgen we ervoor dat er zo min mogelijk risico’s zijn. Uiteindelijk zijn patiënten daar bij gebaat.”

Het volledige proefschrift vindt u hier.