'In al die jaren dat ik in het ziekenhuis werkte, ben ik nooit met tegenzin naar mijn werk gegaan. Dit komt denk ik doordat je altijd samenwerkt, je gaat er met elkaar voor. Je team is dus heel belangrijk. Omdat ik ook praktijkbegeleider was, moest ik medewerkers beoordelen. Dan leer je al snel dat het belangrijk is om te kijken naar wat er allemaal goed gaat, en te praten over wat er nog verbeterd kan worden. Dat pas je automatisch ook toe op je eigen handelen.'
Eerste lesgroep
'Om de opleiding tot verpleegkundige te mogen doen moest je 17 jaar zijn. Daarom begon ik in 1970 als 16-jarige in de afdelingskeuken van wat nu Omring Lindendael is in Hoorn. In 1971 startte ik met de lesgroep in het Sint Jans Gasthuis (nu Dijklander Ziekenhuis). Dit ziekenhuis werd dat jaar nieuw opgeleverd en stond op het punt te verhuizen. Onze groep was de eerste die in het nieuwe gebouw mocht beginnen. Ik weet nog goed dat wij niet mee mochten helpen met verhuizen, maar wel alle nieuwe bedden in die spiksplinternieuwe kamers mochten opmaken. Zo bijzonder!'
Trots
'Meteen erachteraan heb ik de kinderaantekening gehaald: dan krijg je twee extra puntjes op het speldje. Dit speldje droeg je op je uniform, zodat iedereen kon zien wat je status was. Bij het uniform hoorde ook het bekende kapje, zoals ik op de foto draag. Mijn lange haar moest in een vlecht eronder worden opgestoken. Ik ben trots op mijn vak. Kinderverpleegkundige zijn heeft me veel levenswijsheid gegeven, en daar profiteer ik al mijn hele leven van. Net als je als timmerman altijd handig bent, heb ik bepaalde kwaliteiten die nog dagelijks van pas komen.'
Toen en nu
'Door meer kennis en de technische ontwikkeling, kan er nu sneller gewerkt worden dan vroeger. Bovendien werden de kinderen vroeger soms wel wekenlang opgenomen, ook voor relatief onschuldige ziektes. Hierdoor kunnen we nu veel meer kinderen helpen. Er is echt zoveel veranderd. Doordat er niet veel onderzoek gedaan kon worden, gebeurde veel meer op gevoel en op de ‘klinische blik’. Observatie is ook nu nog belangrijk, maar er zijn veel meer hulpmiddelen beschikbaar. Wij stonden nog elke dag met de polsteller in onze handen - een soort metalen huls met een glazen zandloper erin. En isolatie? We hadden een soort buitenom-gang, daar liep je een paar keer heen en weer om te luchten als je bij een kind was geweest die iets besmettelijks had. En als we nachtdienst hadden, zetten we twee stoelen in de gang, een tafeltje erbij en een asbak erop. Ja echt, dat kun je je nu toch niet meer voorstellen!'
Repair-café
'Door de fusie kreeg ik de kans om iets eerder te stoppen, ik was toen 65 en vond het wel goed zo. We hebben een grote tuin, daar is altijd wel wat te doen, en ik vind het fijn om tijd te hebben voor de kinderen en kleinkinderen. Bovendien heb ik hier in het dorp Drechterland een repair-cafe opgezet, een mooi initiatief om bij te dragen aan duurzaamheid. Waardevol werk dus, net als de zorg!'

In de Dijklander Zomerserie ‘Trots en trouw’ vertellen Dijklanders over hun carrière binnen het ziekenhuis. De gemene deler: ze gaan of zijn met pensioen. Hoe kijken zij terug op hun loopbaan binnen de zorg? Hoe hebben zij het werken in een ziekenhuis ervaren? In deze aflevering vertelt Elly Sjerps haar verhaal. Elly startte in 1971 en werkte maar liefst 47 jaar als verpleegkundige.